Architectuur vertalen, een vak apart

Zo zouden alle bronteksten moeten zijn: prettig leesbaar en met een flinke dosis vaktermen die ik nog niet eerder tegenkwam in mijn ruim dertigjarige vertaalpraktijk.

Zo wordt zo’n klus van vele duizenden woorden als een heerlijk jachtterrein met de vreemde woorden als het loslopend wild. Mijn elektronische woordenboeken zijn mijn wapens en mijn vertaalsoftware mijn wild-vangnet. Daarin zet ik het gevangen wild onmiddellijk vast, compleet met de vertaling van de hele zin, en ook de term apart, zodat ik die in een toekomstige opdracht van dezelfde of een vergelijkbare klant niet opnieuw hoef op te sporen, te vangen en vast te zetten.

 

Naast onbekende vaktermen zit er ook nogal “wollig en toch zakelijk” taalgebruik in de tekst, maak daar maar eens Engels van dat óók wollig en toch zakelijk is. Voor mij werkt het ‘t beste om even weg te lopen of te kijken van de vertaling en dan, na een half minuutje, weet ik hoe zo’n zin mooi vertaald moet worden. De bouwstijl van de brontekst moet terug te lezen zijn in die van de vertaling, die ook dezelfde sfeer moet uitstralen.

 

Zin voor zin groeit de vertaling uit tot een compleet bouwwerk, waarin al het loslopend wild, tot logische bouwstenen gemaakt, de juiste plaats krijgt. Zelden heeft een zin in het Engels dezelfde woordvolgorde als in het Nederlands, de bouwstenen moeten dus zorgvuldig opnieuw geordend worden.

 

En dan staat de vertaling in de steigers, het dak zit erop en de ruiten erin. Alle zinnen zijn vertaald, eensluidende terminologie is toegepast. Dan gaat de tekst vanuit de vertaalsoftware naar de tekstverwerker. Ik kijk nogmaals kritisch naar alle zinnen en alinea’s, de spelling wordt gecontroleerd, een eventuele typefout wordt hersteld. Ik kijk grondig het hele bouwwerk na en verfraai hier en daar een zin, of haal een herhaling weg die overbodig blijkt. De wanden worden netjes afgewerkt.

 

Vervolgens controleer ik of de layout van de vertaling gelijk is aan die van de brontekst, door deze ernaast te houden. Hier heb ik in veel gevallen geen omkijken naar, maar als de brontekst moest worden geconverteerd vanuit een pdf-bestand, wil dat nog weleens tegenzitten. Dit los ik steeds zo elegant mogelijk op.

 

En dan…. (tromgeroffel…) tadaaa, het bouwwerk kan worden opgeleverd en mijn taak zit erop. Altijd weer een heerlijk moment. Vooral wanneer er een welgemeend en opgetogen “dankjewel!” van de blije klant in de mail verschijnt.

 

Je bent gewaarschuwd!

Hier een pareltje van (anti-)reclame voor “google translate”, dat ik je niet wil onthouden. Dit bericht ontving ik in de mail:

Geachte

Ik schrijf deze e-mail om u met hart vol tranen en verdriet, ik weet dat deze mail aan u zou kunnen komen als een verrassing, omdat je kent mij niet en ik ook ken u niet, maar ik geloof in God, dat u niet zult mislukken me omdat ik je niet contact op te nemen met mijn macht. Mijn naam is Miss Amanda Jimmy, ik ben 20 jaar oud meisje medisch student aan de Universiteit van Soedan, Ik ben het enige kind van mijn vader van een zaliger gedachtenis op naam wijlen Jimmy Lemi Milla was de landelijke Koenders in Soedan. U kunt meer over mijn vader dood in de BBC news website hieronder te lezen:
[webadres verwijderd, HMHT]
Wijlen mijn vader werd vermoord door zijn chauffeur, die door onbekenden werd besteed aan mijn familie aanvaller, maar hij slaagde in het doden van mijn vader en de geschokt dood van mijn vader leidt tot mijn moeder dood na 3 dagen van de dood van de vader. Mogen zij ziel rusten in volmaakte vrede, AMEN. Ik ben eigenlijk op zoek naar een eerlijke en betrouwbare persoon die mij zal helpen verhuizen naar zijn land voor een beter leven als ik was geadviseerd door wijlen mijn moeder, heb ik ervoor gekozen om contact met u na mijn gebeden en ik geloof dat je zal mij nu niet verraden dat je mijn levensverhaal hebben gekend. Ondertussen, 2 dagen later na de dood van mijn vader gaf mijn moeder me de informatie voor de geheime depot hen gemaakt met een bank in Ivoorkust. De borg waarde is US $ 3 miljoen US Dollars alleen en ik ben momenteel in Ivoorkust, waar mijn overleden ouders de storting en ik zijn gegaan naar de bank om de storting te bevestigen en vast te stellen eigendom, gelieve Ik heb uw hulp dringend bij het verplaatsen van deze financieren naar uw land voor investeringen en ook mij helpen verhuizen naar uw land, als mijn erfenis goed vastzit zul je 25% van de waarde voor uw hulp hebben. Ik zal een dringende boodschap met vermelding van uw vermogen en de bereidheid om deze transactie te oprecht te behandelen waarderen.
Ik wacht uw dringende en positieve reactie. Gelieve te houden dit alleen voor jezelf neem ik smeek je niet om het bekend te maken aan iedereen, omdat ik niet wil om opgemerkt te worden om veiligheidsredenen. Met alle respect, ik pleiten dat je me helpen, ik ben het geven van al deze gedetailleerde informatie met alle transparantie te geloven dat u een duidelijk beeld van de basis van de hulp die ik van u nodig zal hebben en ik hoop dat u niet weigeren om me te helpen. Ik hoop dat ik meteen van u te horen, want ik lijd zo veel hier en willen zo snel mogelijk te verlaten.
Kunnen waarheid en liefde zijn de leidende woord in mijn toevlucht bij lieve helper.

Miss Amanda Jimmy

 

Blunderen

Van een klant, een gerenommeerd bedrijf, krijg ik een tekst aangeboden die naar het Duits mag worden vertaald. De tekst – van een Nederlands bedrijf – is wonderlijk genoeg in het Engels opgesteld. Prima, dat kan “mijn” vertaalster uitstekend. Helaas is de Engelse tekst niet feilloos, om het vriendelijk uit te drukken. Dit laat ik aan de klant weten, met de vraag of hij misschien graag heeft dat ik de tekst voor hem ‘redigeer’. Hierop komt geen antwoord. Is het te pijnlijk voor hem om te worden gecorrigeerd? Ziet hij op tegen de extra kosten voor het redactiewerk? Zijn Engels is echt niet slecht, maar er zitten wel een paar blunders in en hier en daar is de zinswending nogal Dunglish.

Een dag later valt er een envelop op de mat bij de voordeur. Met dezelfde tekst, aan mij gericht, nu echter in het Nederlands gesteld. Daar ik een jarenlange relatie ben van de klant ben ik uitgenodigd op het feest ter ere van het jubileum. Vertaalster is dankbaar als ik die even voor haar inscan en op de mail zet, zodat ze de bedoelingen beter begrijpt en “voor extra inspiratie”. Al snel is de Duitse vertaling klaar en deze mail ik naar de klant.

Een dag later ontvang ik de Duitse tekst, in de lay-out die zal worden verzonden naar de doelgroep, per e-mail. Klant heeft zelf een zin aan de Duitse tekst toegevoegd. Deze is ook niet feilloos, ik stuur hem ter correctie naar de vertaalster, die “er haar eigen draai aan geeft”. De gecorrigeerde zin gaat terug naar de klant.

Nog steeds vraag ik me af wat de achterliggende gedachte was om de Duitse vertaling vanuit de Engelse versie te laten maken, terwijl dit een Nederlands bedrijf is met Nederlandse werknemers. Raadselachtig is het.

Het gaat hier om een brief die aan zeer veel relaties van deze klant zal worden verzonden. Dan denk ik: gooi daar nou even een paar tientjes extra tegenaan om netjes voor de dag te komen. Zo zonde om te blunderen naar zoveel mensen toe, waar is dat voor nodig? Wat levert het op?

Ook hier is goedkoop duurkoop.

 

Nee, die petitie teken ik niet

Het contract dat de plaats moet gaan innemen van de VAR heeft nogal wat onrust teweeggebracht. Dat geeft niet, dat is bij elke verandering in een mensenleven zo. Veranderingen wekken nu eenmaal bijna altijd weerstand op. Dat zit verankerd in de psyche van de mens en heeft vooral te maken met vrees voor het onbekende. Die vrees is in veel gevallen zo slecht nog niet, want die zet ons ertoe aan om het nieuwe eerst eens grondig te bestuderen en te toetsen. Pas daarna kunnen we er rustig aan gaan wennen en er zelfs mee leren leven.

Dat bestuderen en toetsen van die nieuwe “contract-situatie”, zo zal ik het maar noemen, is vermoedelijk door heel veel zzp’ers niet of nauwelijks gedaan. Bij de oproep om de petitie tegen de contract-situatie te tekenen lees ik onder andere dat er te weinig informatie is gegeven, en dat er geen kant-en-klare modelcontracten zijn. Beide feiten zijn pertinent onjuist, de schrijvers van de tekst zijn wel heel slecht geïnformeerd.

contract-and-pen

De informatie is wel degelijk verschaft. In een mailbericht van de Kamer van Koophandel van 16 februari 2016 – iedereen die staat ingeschreven, moet deze mail óók hebben ontvangen – stond keurig netjes een link naar een pagina van de Belastingdienst, waar ik alle nodige informatie heb kunnen vinden. Hier de link naar de modelovereenkomsten. Ik vond er een lange, lange rij modelcontracten, gratis en voor niets te downloaden. Alle contracten waren goedgekeurd door de Belastingdienst, dus dat is óók al geregeld. Hieruit koos ik het simpelste, het meest algemene contract, dat ik voorzag van mijn bedrijfsgegevens. De pagina’s met informatie over de goedkeuring door de Belastingdienst heb ik er gewoon aan laten zitten, om misverstanden te voorkomen. Het zo ingevulde contract zette ik vervolgens op mijn website. Klanten die het nodig hebben, kunnen dit downloaden, hun gegevens invullen en ondertekenen, en vervolgens aan mij mailen met het verzoek dit exemplaar getekend aan hen terug te sturen. Dit is een klusje van 2 minuten per partij, meer écht niet. Met het aanvragen van een VAR was ik beslist meer tijd kwijt.

Het mooie nieuws van de contract-situatie is dat de verantwoordelijkheid voor het al of niet werkgever zijn nu niet meer bij mij ligt, maar bij mijn opdrachtgever. Hij of zij heeft er belang bij dat die handtekeningen er staan, voor mij maakt het niet uit, belastingtechnisch gezien. Dat is juist een hele zorg minder.

Ik kan me overigens niet voorstellen dat mijn klanten plotseling geen vertalingen meer nodig hebben omdat ze die 2 minuten extra moeten (laten) investeren.

En dan nog wat: in al die jaren van de VAR (geloof me, ik doe al heel wat jaartjes mee), is er zegge en schrijve één (1) maal naar mijn VAR gevraagd (hoewel ik die ook altijd op de site had staan als download). Dit zal niet voor iedereen zo zijn gelopen, dat begrijp ik goed, maar toch zullen er talloze zzp’ers zijn voor wie hetzelfde geldt, dat kan haast niet anders. Het bevreemdt mij dan ook te zien hoeveel mensen dan zo’n petitie tekenen, zijn dat allemaal postbezorgers dan? Of mensen zonder website? Kun je overleven als (zzp-)bedrijf zonder website? Ik vind het knap. Maar dan nog kun je jouw contract als model op je computer zetten en ingevuld naar je klant mailen volgens bovenstaande routine (dat je dus zelf als laatste tekent) en aan je klant overhandigen.

Dan kun je snel voor hem of haar aan de slag. Succes!

P.s. Voor de belangstellende hier de link naar het door mijn klanten te gebruiken contract op mijn website, zodat je kunt zien hoe ik dat doe. Gebruik het gerust voor jezelf, en let op dat dat referentienummer van de belastingdienst er in moet blijven staan, dit is het bewijs dat zij het hebben goedgekeurd.

Het sociale stelsel en de zzp-er

Dit artikel schrijf ik NIET voor de slecht geïnformeerde meneer die in het Financieel Dagblad beweerde dat “de zzp’er zich onttrekt aan het sociale stelsel” (Bas ter Weel van het Centraal Planbureau (CPB). Wat een domme uitlating.

Dit artikel is bedoeld voor mensen die overwegen om zelf te gaan zzp-en. In principe kan elke zzp-er hier iets aan hebben, maar ik neem het vertaalbureau als voorbeeld, omdat dit mijn wereld is.

Lang geleden, het was in 1987, ben ik op weg geholpen door een lieve collega, hij is helaas niet meer onder ons. Hij heeft me op punten gewezen waar ik zelf niet bij stilstond. Er zijn best veel dingen waar je zo een-twee-drie niet aan denkt als je je bedrijf hebt ingeschreven bij de Kamer van Koophandel – heb je een goed klinkende, aansprekende bedrijfsnaam bedacht? – , want die inschrijving is essentieel, maar daarmee ben je er nog lang niet.

Zelf moet je achter je acquisitie aan. Je kunt denken aan spam verzenden, maar dat is niet aan te raden. Wil je toch rondschrijven, doe dat dan netjes met een brief op papier met een goed doordacht briefhoofd. Bij de Kamer van Koophandel zijn tegen betaling adreslijsten te verkrijgen van bedrijven in jouw doelgroep. Huis-aan-huis flyeren heeft alleen zin voor een bepaald type bedrijven, niet voor vertaalbureaus.

Nu we het toch over brieven hebben: in je briefhoofd dien je te vermelden je bedrijfsnaam, je vestigingsadres en telefoonnummers, je e-mailadres en je website, je KvK-nummer, je BTW-nummer en je IBAN-nummer. Dat e-mailadres: neem een professioneel uitziend adres met je bedrijfsnaam erin. Het mooist is nog als je een eigen website hebt en een daarbij behorend e-mailadres. Gebruik je nette briefpapier ook voor je facturen, zorg dat het vanuit je factureringssoftware te gebruiken is.

Vanzelfsprekend draag je altijd mooie visitekaarten bij je, om te allen tijde je gegevens te kunnen overhandigen als je bedrijf ter sprake komt. Netwerken is een kunst, maak er werk van! Word lid van de plaatselijke netwerkclub en bezoek de bijeenkomsten. Zoek collega’s op en bespreek je business met ze. Je kunt er alleen maar wijzer van worden.

Ben je beëdigd vertaler en sta je in het register? Dan heb je middelen nodig om de brontekst op degelijke wijze aan de vertaling te hechten, bijvoorbeeld een ringtang, daarnaast is een beëdigd stempel nodig met je naam en Wbtv-nummer.

Je kunt ook denken aan een informatieve folder, die je aan je klanten mee kunt geven, of in je mailing kunt bijsluiten. Hierin komt te staan welke diensten je aanbiedt en hoe je dat aanpakt, misschien een prijslijst. In elk geval staat er in waarom mensen nu juist bij jou moeten zijn voor datgene wat zij nodig hebben. Denk altijd vanuit de klant. Wat heeft hij nodig, wat zoekt hij en hoe kan hij dit zo goed mogelijk voor elkaar krijgen met jouw hulp. Ga je de folder zelf printen op je kleurenlaserprinter? Of weet je een goede niet al te dure drukkerij? Een goed resultaat is belangrijk.

Je hebt natuurlijk zelf al bedacht dat een eigen website een goed idee is. Ik zal je zeggen, ik ken vertalers die het hun hele leven zonder website hebben gedaan en die een goede boterham verdienen, nog steeds, met hun vertaal- en tolkwerk. Zelf heb ik het altijd mét gedaan en ik meen dat het prettig is dat mensen je kunnen vinden op internet, niet alleen via de sociale media (die had je nog niet in 1987, wat zeg ik, je had nog niet eens internet, maar daar gaat dit artikel niet over).

Zorg dat je website niet alleen er goed uitziet, maar vooral ook goed en snel functioneert en ook op tablet of mobiel goed leesbaar is. Ga je je website zelf maken, of laat je dit doen? Denk hierover na. Er is goede software op de markt die je dit mogelijk maakt, maar de vragen die je eerst moet stellen zijn: a. vind je het leuk om te doen, en b. heb je er tijd voor? En blijft dat zo, dat met die tijd. Want nu heb je het misschien nog rustig, als je zaak mooi gaat draaien kan dat wel heel anders worden.

Je snapt natuurlijk dat de Belastingdienst met argusogen volgt wat je allemaal uitspookt, financieel gezien dan. Want die wil daar heel wat graantjes van meepikken. Je betaalt jaarlijks Inkomstenbelasting en daarnaast nog je bijdrage Zorgverzekeringswet. Mensen in loondienst betalen die dingen ook, alleen gaat dat via de werkgever, dus hebben ze er geen omkijken naar. Daarom dien je een fatsoenlijke financiële administratie bij te houden, met daarin alle gegevens over wat je verkoopt en wat je inkoopt, voor welk bedrag, van wie, aan wie, op welke datum, enz. Je hebt dus boekhoudsoftware nodig. Ook als je een goede accountant je aangiften laat verzorgen is het zaak te weten wat er omgaat in je bedrijf.

Ook belangrijk is je afdracht BTW, die maandelijks of per kwartaal kan plaatsvinden, in overleg met de belastingdienst. De Belasting Toegevoegde Waarde bedraagt voor de meeste diensten 21%, maar voor boeken en nog wat aparte dingen is het 6%. Het is dus zaak om bij de belastingdienst te informeren welk percentage voor jouw dienst of artikel geldt. Je moet op je factuur het percentage en het bedrag van de BTW vermelden dat je heft en aan het eind van de maand of het kwartaal draag je dit af aan de Belastingdienst. Overigens trek je van dit bedrag alle BTW af die jij in die periode hebt betaald aan jouw toeleveranciers. Dit kan gaan over je paperclips of je bijspijkercursus, maar ook over een freelancer die voor jou werk heeft verricht. In mijn geval gaat dat om vertalers voor de talen die ik zelf niet doe (en dat zijn er heel veel).

Het is duidelijk dat je een fatsoenlijk ingerichte kantoorruimte of bedrijfsruimte nodig hebt. Een bureau met een goede computer, waarop de software is geïnstalleerd waarmee je je werk doet, in mijn geval vertaalhulpen en woordenboeken, en natuurlijk het boekhoudprogramma. Denk ook aan de mogelijkheid om je klanten te laten pinnen. Zelf gebruik ik Payleven. Voor de kleine zelfstandige is dit een prettig systeem, omdat je alleen betaalt voor de pinbetalingen die hebben plaatsgevonden en er verder geen duur maandabonnement is. Dus gebruik je hem niet, dan betaal je ook niet. Je klant vindt het prettig dat ie niet met geld over straat hoeft en jij hoeft geen grote doos met wisselgeld in je kantoor te hebben staan. Wel zo veilig.

Nog een heel belangrijk puntje is dit: spaar voor je ouwe dag. Bedenk dat je niet in loondienst bent en je geen werkgever hebt die een pensioen voor je opbouwt. Jij bent jouw werkgever, dus jij moet voor jezelf aan dat pensioen bouwen. Laat je goed voorlichten, liefst door je accountant, welke aanpak voor jou het handigst is. Denk niet dat je te zijner tijd kunt leven van een AOW-tje als je wat kalmer aan wilt doen. Dat gaat je heel erg tegenvallen namelijk. Tuurlijk kun je roepen “ik blijf wel werken”, maar wat als dat fysiek niet meer gaat door klachten van medische aard?

Denk ook aan je verzekeringen. Een heel belangrijke is de Beroepsaansprakelijkheid. Als jij een vertaalfout maakt met vreselijke gevolgen voor je klant, kun je aansprakelijk worden gesteld. Ondervang dit risico met een goede verzekering, in combinatie met goed doortimmerde Algemene Leveringsvoorwaarden. Deze staan natuurlijk op je website en heb je bovendien gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel. Vermeld dit op je factuur (in de footer bijvoorbeeld). Overweeg ook een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Die is erg duur en velen nemen hem om die reden niet. dat is een groot risico. Stel je tijdens het overwegen van je beslissing hierover even helder voor wat er kan gebeuren en denk dan niet alleen aan een gebroken been, want daarmee kun je heus nog wel vertalen.

Je kunt nog denken aan een computerverzekering, maar mijn ervaring is dat je meer betaalt aan die verzekeraar dan zinvol is. Gooi je koffie gewoon niet over je toetsenbord en spaar zelf voor je nieuwe computer, die je toch al hoopt aan te schaffen over een jaar of drie, vier. Laat je computer overigens ook niet stelen, de gevolgen daarvan hoef ik je niet uit te leggen, denk ik.

Voor al die extra kosten is het handig om een Bedrijfsspaarrekening te koppelen aan je bedrijfs-betaalrekening, waar je elke maand automatisch een aardig bedragje naartoe laat gaan. Zo heb je altijd voldoende geld voor de belastingdienst, zowel de IB en ZVW als de BTW, maar ook voor eventualiteiten, zoals een kapotte computer, of een nieuwe koffiezetter (want ook die dingen gaan soms kapot). En je ondervangt perioden, die heus wel komen, waarin je eigenlijk te weinig opdrachten hebt. Kun je toch nog brood betalen.

Die bedrijfsspaarrekening vind ik niet geschikt voor sparen voor je ouwe dag, neem daarvoor een heel andere bank en een heel andere rekening, zowel betaal- als spaarrekening, en stort daarop alle grotere meevallers die je kunt hebben in je leven. De reden dat ik een heel andere bank voorstel is dat je dan niet bij elke bedrijfsbetaling die je verricht dat mooie hoge saldo ziet staan en in de verleiding kunt komen er wat van af te halen om jezelf te trakteren, ook al  heb je het nóg zo hard verdiend. Vergeet die mooie rekening en laat hem ongemerkt lekker groeien, je hebt het geld tegen die tijd keihard nodig!

Ik wens je goede zaken toe en mocht je nog vragen hebben, wees welkom.

Ook voor aanvullingen op dit artikel houd ik me aanbevolen. Alvast mijn grote dank.

 

GEEN APEN!

(Deze post verscheen eerder op mijn blog www.hildehuisman.com, waar ik voortaan alleen wil schrijven over mijn werk als therapeut.)

This Feb. 20, 2015, photo shows an arrangement of peanuts in New York. For years, parents of babies who seem likely to develop a peanut allergy have gone to extremes to keep them away from peanut-based foods. Now, a major study suggests that is exactly the wrong thing to do. (AP Photo/Patrick Sison)

Met dank aan Els Spin en Anne Marie Koper voor de twitterdiscussie over dit onderwerp.

Collega Els Spin was aan het surfen om te zien of zij nog marktconform bezig was en ontdekte op het internet een vertaalbureau dat klanten werft met de volgende woorden:

“Doordat wij precies weten welke vertalers niets om handen hebben, is het mogelijk om de kosten van het vertalen te verlagen.”

Nader onderzoek naar de prijsvoering van dit vertaalbureau bracht overigens aan het licht dat ze zeker niet tot de goedkoopste behoren. Hun goedkoop is dus net zo goed duurkoop.

Wij, vertalers, riepen daarop in koor: “Smeerlappen zijn het, dit is ronduit schofterig, voor of met zulke slavendrijvers wil je toch niet werken!” En Anne Marie Koper tweette:  “If you pay peanuts… you get monkeys.”

Tot zover deze kleine discussie op internet. Zelf heb ik niet nagezocht welk vertaalbureau hier aan het werven was. Wel weet ik dat er vele grote vertaalbureaus zijn, die het op merkwaardige wijze klaarspelen om vertalers voor hen te laten werken tegen absurd lage tarieven. Dat zij desalniettemin topkwaliteit van deze vertalers eisen, lijdt geen twijfel. Echter, de kruik gaat zolang te water tot hij barst. In mijn 25-jarige ervaring als vertaalster heb ik helaas meer dan eens vertalers letterlijk ten onder zien gaan aan veel te lange werkdagen tegen veel te lage tarieven. Veelal werkten zij op een te klein en slecht verlicht zolderkamertje, aangezien er geen geld is voor een fatsoenlijke studeerkamer.

Het vreemde is dat de grote vertaalbureaus toch forse tarieven rekenen naar hun klanten. De ruime marge die ze hierdoor opstrijken, hebben zij nodig om hun prestigieuze kantoor met veel personeel te kunnen bekostigen.

Zelf heb ik als vertaalbureau altijd een eerlijke prijs betaald aan mijn “onderaannemende” vertalers, vakkundige, intelligente, goed opgeleide, accuraat en ijverig werkende, op tijd leverende mensen, met velen van wie ik al 20 jaar of langer samenwerk. Ik weet dus wat ik aan ze heb, en zij weten wat ze aan mij hebben, ook dat ik stipt op tijd betaal bijvoorbeeld. Als zij aan mij werk uitbesteden, krijg ik van hen diezelfde eerlijke prijs en tijdige betaling voor mijn werk. Collegialiteit noemen wij dat.

Mijn kantoor is niet prestigieus, maar ziet er keurig uit. Ik kan met fatsoen klanten ontvangen, hen een kop goede koffie of thee naar keuze aanbieden. Het is van alle gemakken voorzien die nodig zijn om kantoor te houden.

Voor het opzetten en drijven van mijn onderneming heb ik nimmer een cent of eurocent geleend, de inventaris heb ik steeds kunnen onderhouden en uitbreiden vanuit de verdiensten van het vertaalbureau. Dit laatste is misschien wel de reden dat Big Ben Translations nog altijd bestaat en niet tijdens de crisis over de kop is gegaan. Ik heb er altijd voor gewaakt om geen schulden te maken.

Op grond van het bovenstaande meen ik te kunnen zeggen dat mijn prijzen dus eerlijk zijn. Ik lever uitstekende, nee uitmuntende kwaliteit vertalingen, zowel voor het Engels als voor de andere talen, tegen een prijs die marktconform is.

De mooie reputatie die Big Ben Translations heeft opgebouwd in deze 25 jaar, heeft het vertaalbureau geen windeieren gelegd, maar anderzijds ook geen grote rijkdom gebracht. Dat laatste had ik leuk gevonden, maar zoals het nu is, ben ik dik tevreden.

Natuurlijk kun je je vertalingen onderbrengen bij een goedkopere vertaler, als de kwaliteit niet belangrijk is, bijvoorbeeld omdat je alleen maar zelf wilt weten wat er staat in die Russische tekst. Houd daarbij dan wel in gedachten wat Anne Marie Koper tweette:  “If you pay peanuts… you get monkeys”.

Als dat is wat je wilt, apen, tja, dan is een koopje natuurlijk een goede keus.

funny_monkey

Waar of niet waar?

Waar? Nietwaar?
Waar? Nietwaar?

Op de sociale media word ik momenteel opvallend vaak geconfronteerd met het goedbedoelde advies om de waarheid te spreken.

Prachtig, nietwaar?

Nu wil het geval dat ik als rechtgeaarde boogschutter, en tevens als iemand met niet zo’n heel sterk geheugen, altijd de gedachte heb aangehangen dat de waarheid spreken het eenvoudigst is (je hoeft je niet in allerlei kronkels te draaien om geloofwaardig te blijven, je hoeft niet al je leugens náást de waarheid te onthouden).

Ook prachtig, nietwaar?

Toch valt hier wel het een en ander bij aan te tekenen. Momenteel lees ik een boek dat speelt in het India van de negentiende eeuw. Ongelooflijk boeiend boek, dat ik iedereen kan aanraden die van dikke boeken houdt, met een grote dosis geschiedenis en een al even grote dosis scherp waargenomen en beschreven psychologie, en die tevens het Engels goed beheerst – ik weet niet of het boek ooit in vertaling is verschenen. Het heet The Far Pavilions, door M.M. Kaye. De details ga ik niet hier bespreken, dat is niet het doel van deze blog.

Waar ik het wel over wil hebben is dit: In het India van de negentiende eeuw (ik heb geen idee of dit inmiddels veranderd is of niet) sprak het beslist niet vanzelf om altijd de waarheid te spreken. Daarvoor zijn enkele goede redenen aan te voeren:

  • De waarheid kan iemand pijn doen.
  • De waarheid kan mensen verdriet doen.
  • De waarheid kan iemand, of een hele bevolkingsgroep, in gevaar brengen.

Misschien is het soms beter als we de waarheid in bepaalde gevallen voor ons houden. Dat valt voor een boogschutter als ik niet mee, maar met wat oefening moet ook ik het toch een eind schoppen, lijkt me.

Anders is het, wanneer ik in mijn rol van vertaler of tolk aan het werk ben. Daar wordt echt wel van me verwacht dat ik in de ene taal weergeef wat er in de andere taal staat geschreven of wordt gezegd. Toch is er ook hier nog wel een aantekening bij te bedenken. Als het gaat om lokalisatie. Deze term wordt gebezigd door vertaalbureaus die hiermee willen aangeven dat uw tekst niet letterlijk wordt vertaald, maar zodanig wordt herschreven dat hij passend wordt voor het land of de cultuur waarvoor de nieuwe tekst bedoeld is. Dit kan heel ver gaan. Zo ver dat soms de brontekst nauwelijks meer te herkennen is, en van een “vertaling” eigenlijk geen sprake is. Bij een vertaling op juridisch gebied is het van levensbelang om scherp in het oog te houden aan welke jurisprudentie of aan welke wetgeving moet worden gerelateerd: die van het land waar de oorspronkelijke tekst is geschreven, of die van het land waar de vertaling zal worden gebruikt. Met andere woorden: welke “waarheid” is geldig voor het kader van deze tekst?

Zo zie je maar: wat is waar? Wat is niet waar?